EU-ambtenaren: het arrest-Kolwager verandert de spelregels voor schenkingen
Op 15 oktober 2026 heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie een belangrijk arrest gewezen over de vermogensplanning van Europese ambtenaren en personeelsleden.
door Lida ACHTARI, Tax Counsel
Een fiscale woonplaats die kan verschillen van de werkelijke verblijfplaats
Protocol nr. 7 betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Unie voorziet in een bijzondere regeling voor ambtenaren en personeelsleden die zich vanwege hun functie in een andere lidstaat vestigen.
Onder bepaalde voorwaarden behouden zij hun fiscale woonplaats in de lidstaat waar zij bij hun indiensttreding bij de Unie hun woonplaats hadden, voor de toepassing van de belastingen op inkomsten en vermogen en van de erfbelasting.
Schenkbelasting wordt daarentegen niet uitdrukkelijk vermeld in het betrokken Protocol.
Volgens het Hof van Justitie is deze regeling ook van toepassing op schenkingen
In de zaak die aan het Hof van Justitie van de Europese Unie werd voorgelegd, was een personeelslid van de Europese Investeringsbank vanuit Oostenrijk naar Luxemburg verhuisd om er zijn functie uit te oefenen, waarna hij zich later in Duitsland had gevestigd.
In 2013 had zijn broer hem een schenking van 300.000 euro gedaan. De Duitse belastingadministratie wilde deze schenking aan de Duitse schenkbelasting onderwerpen.
De vraag was onder meer of de bijzondere regeling inzake fiscale woonplaats waarin het Protocol voorziet, ook van toepassing kon zijn op schenkingen, hoewel schenkbelasting daarin niet uitdrukkelijk wordt vermeld.
Het Hof van Justitie beantwoordt die vraag bevestigend. Het oordeelt met name dat schenkingen en nalatenschappen voldoende gelijkaardige kenmerken vertonen om een samenhangende behandeling te rechtvaardigen. Schenkingen uitsluiten van het toepassingsgebied van het Protocol zou ertoe kunnen leiden dat eenzelfde ambtenaar voor de erfbelasting zijn fiscale woonplaats in de ene lidstaat heeft en voor de schenkbelasting in een andere.
Het Hof bevestigt eveneens dat een latere verhuizing van de ambtenaar naar een andere lidstaat om persoonlijke redenen op zich geen afbreuk doet aan de aldus behouden fiscale woonplaats in de oorspronkelijke lidstaat.
Wat zijn de gevolgen voor EU-ambtenaren die in België wonen?
Het arrest kan een aanzienlijke impact hebben op de beoordeling van strategieën voor vermogensoverdracht.
Vóór elke schenking moet worden nagegaan waar de ambtenaar zijn fiscale woonplaats heeft in de zin van het Protocol en welke regels inzake schenkbelasting in die lidstaat van toepassing zijn.
De uitkomst is niet noodzakelijk voordeliger. Afhankelijk van de oorspronkelijke lidstaat kan de belastingdruk hoger of lager uitvallen dan wanneer de Belgische schenkbelasting van toepassing zou zijn geweest.
De analyse beperkt zich bovendien niet tot de fiscale woonplaats. Ook de verblijfplaats van de begiftigde, de ligging van de geschonken goederen en eventuele andere aanknopingsfactoren waarin de betrokken nationale wetgevingen voorzien, moeten worden onderzocht.
Moeten bestaande vermogensplanningen worden herbekeken?
Sommige vermogensplanningen zijn mogelijk uitgewerkt vanuit de veronderstelling dat de bijzondere regeling inzake fiscale woonplaats van het Protocol wel van toepassing was op nalatenschappen, maar niet op schenkingen. In het licht van het recente arrest van het Hof van Justitie moet die veronderstelling opnieuw worden onderzocht.
Voor de betrokken Europese ambtenaren en personeelsleden kan het dan ook aangewezen zijn om zowel hun toekomstige plannen voor vermogensoverdracht als hun reeds bestaande vermogensplanning te herbekijken.
Ons team Vermogensfiscaliteit staat tot uw beschikking om de gevolgen van dit arrest voor uw persoonlijke situatie te onderzoeken.